Laatst had ik een interessante interactie op het schoolplein. Ik sprak een vader van een klasgenootje van mijn dochter. We hadden het over halen en brengen en hij zei zoiets als: “Dan breng ik haar zo laat weer terug.” Een heel normale opmerking. Bij mij bleef het hangen. Hoe zou ik zoiets zeggen? Ik besefte dat ik altijd de neiging heb om toestemming te vragen. Ik had waarschijnlijk gezegd: “Vind je het goed als ik haar om … weer terug breng?”

De stelligheid waarmee hij het zei stond in schril contrast met de vragende houding die ik soms aanneem. Later in de week merkte ik op dat ik het vaker deed, toestemming vragen in plaats van zelf bepalen. Ik vond het opvallend.

Onszelf klein houden in taalgebruik en in contact & waarom doen we dit?

De vraag is natuurlijk; Waarom doen we dit? Ervan uitgaande dat ik niet de enige vrouw ben die het zo aanpakt. Als ik het bij mezelf onderzoek zit er zoiets achter als: ik wil aardig gevonden worden. Als ik te stellig dingen zeg, word ik vast dominant gevonden. Kortom, ik maak de relatie met de ander (in dit geval vader van dochters vriendinnetje) belangrijker dan mijn eigen positie. Ik wil dat hij me aardig vindt. Daardoor houd ik me kleiner in taalgebruik dan nodig zou zijn.

Warm en vriendelijk overkomen is voor vrouwen in het algemeen belangrijk. We worden er ook op beoordeeld door anderen. Als vrouw moet je ook ‘dealen’ met een vrouwelijk stereotype. Een vrouw die stevige taal gebruik is snel een ‘b*tch’. Een man die stevige taal gebruikt is een leider. Dus als vrouw is het minder wenselijk vanuit deze achtergrond om leiderschap en stevigheid te tonen.

Herken jij het ook? En wat is het gevolg?

Ga er maar eens op letten, hoeveel vrouwen zichzelf kleiner maken in taalgebruik.

Voorbeelden hiervan zijn:

-“Vind je het ok als…” i.p.v. – “Mijn plan is x, hoe is dat voor jou?”

-“Zullen we dit gaan doen” i.p.v. – “Mijn wens is om …, sta jij hier ook voor open?”

-Verkleinwoorden als ‘bijna’, ‘een beetje’ en sowieso de toevoeging –‘tje’ of je’. Ik heb een ‘bedrijfje’ i.p.v. een bedrijf (deze heb ik zo vaak gehoord!!). Een ‘praktijkje’  i.p.v. een ‘praktijk’.

-“ik weet het niet zeker maar, ….”(en dan zeggen wat je wilt zeggen) i.p.v.  “Dit is mijn mening, hoe kijk jij ernaar”?

Regelmatig merk ik nog dat als mijn kleuter vraagt: “Mama, waarom is een wolk wit?” (bijvoorbeeld) dat mijn eerste reactie is: “Ik weet het niet, maar .. waarschijnlijk omdat zus en zo”. Het lijkt onschuldig maar dit is het niet. Het is elke keer een verkleining van mezelf. Zeker in contact met mijn dochters ben ik er zelf steeds bewuster mee bezig hoe ik mijn woorden kies. Ik ben hun rolmodel dus ik spiegel: ‘Mama weet het niet, is onzeker’ of ‘Mama weet het wel’. Dan  is dat een boodschap die in hun onderbewuste doordringt en gaat beïnvloeden hoe zij zich presenteren als vrouw.

Het gevolg van klein taalgebruik is dat vrouwen zich als incompetent, niet deskundig en twijfelend presenteren. Inmiddels is dit bij mij een bron van ergernis geworden. Het is zo zonde dat vrouwen mede door dit soort positionering naar buiten en in innerlijk zelfgevoel klein blijven. Het ondermijnt ook onze kansen. Je kunt heel veel ‘weten’, kennis hebben, maar als je jezelf onzeker of ‘klein’ presenteert, neemt men je minder serieus. Daardoor krijg je of creëer je minder kansen in je werkomgeving. Je kunt ontzettend intelligent zijn als vrouw, cum laude afstuderen enzovoort. Maar als je niet het lef of de moed vindt om jezelf te positioneren, kun je altijd onderaan de ladder blijven hangen.


Andere manier en daar het gevolg van?

Wat is nu een manier om hier in te veranderen?

Heel belangrijk is om opmerkzaam te zijn. Veel gedrag, ook onze spraak, verloopt automatisch, onbewust. Bewustzijn hierover is nodig om anders te kunnen reageren. Opmerkzaam kun je zijn door na te gaan hoe je de dingen zegt. Erop terug te kijken. Vooral in schriftelijk contact kun je goed nagaan hoe je je woorden kiest. Lees een mail, sms of app nog even na voordat je op ‘versturen’ klikt.

Pas de woorden aan waarin je jezelf verkleint.

Durf stellig te zijn in je uitingen. Ga staan voor jouw mening en laat ruimte voor de ander. (Maar waak voor: wel ruimte geven aan de ander en niet gaan staan voor jezelf.) Een voorbeeld heb ik hierboven gegeven. “Ik zie het zo, hoe is dat voor jou?” In plaats van openen met een onzekere stelling en de ander om toestemming of bevestiging te vragen. “Ik weet het niet zeker, ik denk dit, maar ik weet er niet veel van hoor, wat vind jij?” Etc. etc.

Maak van Kracht je identiteit, identificeer je niet met onzekerheid. Dit is best een proces, maar o zo belangrijk. Het gaat om zelfbeeld. Je kunt oefenen met je identiteit vinden in kracht. In het boeddhisme heb je bijvoorbeeld beoefeningen waarbij je jezelf visualiseert als een boeddha. Jezelf zien als een boeddha, dan kun je niet klein blijven toch? Andere mensen visualiseren een innerlijk licht. Sommigen helpt het om een affirmatie te gebruiken. Bijvoorbeeld: “Ik ben helemaal goed zoals ik ben, ik vertrouw op mijn innerlijk weten. Ik uit mij vanuit mijn kracht.” Door dat dagelijks meerdere keren te doen, te herhalen, verander je je zelfbeeld.

Wees warm in het contact zonder jezelf daarbij klein te houden. Zo kom je tegemoet aan het stereotype en voelen je anderen je zachtheid én je stelligheid. (Deze tip komt uit het boek ‘Playing Big van Tara Mohr, een heel inspirerende vrouw.) Je kunt bijvoorbeeld openen met persoonlijke vragen of ermee afsluiten. Mensen voelen dan je warmte. In de rest van je communicatie kun je jezelf duidelijk positioneren. Je deelt dan wat jouw mening, jouw visie, jouw voorstel is.

Het gevolg hiervan is dat je duidelijker bent naar je omgeving, een steviger indruk maakt. Je neemt je ruimte in en krijgt hierdoor meer voor elkaar dan als je jezelf verkleint. Als moeder ben je een stevig, krachtig voorbeeld voor je kinderen.

 

Photo by Priscilla Du Preez on Unsplash