Hoe kom je sterker uit een burn-out of andere ellende?

Hoe kom je sterker uit een burn-out of andere ellende?

Wat kan ellende- bijvoorbeeld een burn-out- je brengen? Dit is een zeer interessante vraag en als je hem stelt aan mensen waarbij hun burn-out al wat jaren geleden is, dan zal een deel antwoorden: het heeft mij sterker gemaakt!

Niet alleen de zwar(t)e kant domineert bij deze mensen, maar juist ook de transformatie en groei die ze mee hebben meegemaakt. En het resultaat van die transformatie en groei? Een hoger niveau van leven. Dit uit zich bijvoorbeeld in meer waardering voor het leven, meer in verbinding staan met zichzelf en anderen, en/of persoonlijke kracht ervaren.

Maar wat is die transformatie dan? En hoe kan je dit versterken, zodat jij (iedereen!) sterker wordt door ellende?

Sterker door ellende
Greet Vonk en Anja Jongkind hebben er een zeer interessant boek over geschreven, Sterker door ellende. In dit boek spreken ze uitgebreid over wat ze in de wetenschap Post Traumatische groei noemen. Dit boek is zeker de moeite waard om te lezen. En niet alleen bij het doormaken van een burn-out, maar ook als je in je leven te maken hebt (gehad) met ander soort ellende. Bijvoorbeeld verlies van een dierbaar persoon of ziekte.

 

Post traumatische groei

 

 

 

 

 

 

 

Bovenstaand plaatje (uit het boek Sterker door ellende) illustreert wat er kan gebeuren als mensen met een tegenslag te maken krijgen. Het start met bezwijken, vervolgens kunnen we in een overlevingstand terecht komen, we kunnen herstellen en zelf een groei meemaken.

De huidige publieke opvatting en ook de gezondheidszorg is met name gericht op herstel. Daarom ervaart niet iedereen (of in mindere mate) een transformatie en groei na een burn-out of ander soort ellende. Focus ligt bij herstel namelijk op klachtenvermindering en symptoombestrijding. Het reduceren van de klachten zodat je je niet voelt zoals je nu voelt. En dit is zonde, want juist die bovenste blauwe boog van groei (zie plaatje) zorgt ervoor dat iemand niet blijvend een stempel krijgt van ‘is kwetsbaar en moet vooral op grenzen letten’, maar juist sterker en veerkrachtiger uit de strijd komt. En dit laatste willen we toch?

Posttraumatische groei
Posttraumatische groei is zowel een proces en een resultaat. In het boek van Greet Vonk en Anja Jongkind komt uitgebreid aan bod hoe je het Posttraumatische groeiproces kan laten ontstaan. Casussen uit hun coaching praktijk komen volop aan bod.

Kort samengevat zeggen ze het volgende:

Het bewerkstellingen van een Posttraumatische groei begint bij (h)erkennen dat groei in moeilijke periode mogelijk is. Als je het zo leest lijkt dit een inkopper, maar het beeld dat wij in de maatschappij hebben is juist het tegenovergestelde. Het beeld dat je blijvend beschadigd bent na bijvoorbeeld een burn-out (in dit artikel lees je meer over burn-out). Dat je vooral voorzichtig moet zijn, grenzen moet leren aangeven of niet meer zoveel kan hebben.

Daarnaast ligt de focus op diepgaande bewustwording van al je krachten, talenten, mogelijkheden en capaciteiten. Dat je jouw krachten leert hanteren in plaats van dat ze jou hanteren (lees: de overhand nemen). Hierbij gaat het meestal ook om het herdefiniëren van wat negatief en positief is. Als je vaak genoeg hebt gehoord dat jouw perfectionisme een probleem vormt, dan ga je dit als zodanig zien. Iets negatiefs waar je vanaf moet. Echter perfectionisme gaat over zorgvuldig willen werken en kwaliteit willen leveren. Een mooie kwaliteit die, als je het hanteert en weet wanneer in te zetten, echt voor mooie uitkomsten kan zorgen.

Het bewerkstelligen van Posttraumatische groei houdt overigens niet in dat een bepaalde pijn of verlies er niet meer is. Het proces waar je doorheen gaat is nog steeds hobbelig en van tijd tot tijd zeer zwaar. Anja Jongkind en Greet Vonk hebben dit mooi verwoord aan het begin van hun boek:

“Moeilijke tijden zijn ook cadeautjes, hoe lastig ze ook zijn. Helaas zitten ze wel verpakt in prikkeldraad. Niemand weet wat in jouw cadeautje zit. Het enige wat wel bekend is, is dat iedereen die jou is voorgegaan het uitpakken van zijn cadeau meer dan de moeite waard vond.’

In het boek Sterker door ellende lees nog tal van voorbeelden en informatie over het bewerkstelligen van Posttraumatische groei. Leuk nieuws 😀, wij mogen 2 boeken weggeven onder onze lezers. Ga naar het Facebook of Instagram account van Moeders in de maatschappij en reageer op de ‘winactie’ post over Posttraumatische groei. Onder de reacties verloten we de 2 boeken.

 

Foto bij bericht: Faris Mohammed on Unsplash

Je eigen pad volgen. Hoe doe je dat?

Je eigen pad volgen. Hoe doe je dat?

Je eigen pad volgen. In het leven. Maar wat bedoelen we ermee? En hoe doe je dat eigenlijk?

 

Maar wat is dan je eigen pad?
Om gelijk met de deur in huis te vallen: jouw pad ontstaat zodra je keuzes maakt op basis van geluk, liefde, vertrouwen. Het is niet een pad dat je van tevoren duidelijk kunt aanwijzen. Het ontstaat, doordat je elke keer keuzes maakt die echt eigen zijn én gebaseerd op eerdergenoemde elementen: geluk, liefde en vertrouwen. Kortom: je doet wat je echt leuk vindt! In dit artikel heb ik eerder geschreven over ‘doen wat je echt leuk vindt.

Als we het tegenovergestelde benoemen wordt het wellicht makkelijker. Je bent van je pad afgeweken, omdat de keuzes die je hebt gemaakt gebaseerd waren op angst, onzekerheid en/of wantrouwen. Het niet bewandelen van je eigen pad kunnen we herkennen in allerlei uitspraken en situaties. Voorbeelden:

  • Ik zou wel iets anders willen doen, maar ……hypotheek, kinderen, geld, tijd, m’n ouders willen…, men verwacht van mij dat…• Als de kinderen de deur uit zijn, dan…..
  • Volledig in de schaduw staan van je partner (je schikt je naar zijn of haar keuzes)
  • Je staat in dienst van anderen en vergeet jezelf compleet.

Het onvermijdelijke 
Het is onvermijdelijk dat je een keer of meerdere keren in je leven niet op je pad zit. Dat is ook het leven en het is zeer nuttig. We hebben juist tegenstellingen nodig. We moeten ervaren wat we NIET willen om te ervaren wat we WEL willen. Zeker in de fase van ‘jongvolwassene’ is dit veel aan de orde. Je leer jezelf goed kennen door van alles te proberen en elke keer de balans op te maken: vond ik dit wel of niet leuk?

Naarmate je ouder wordt leer je jezelf steeds beter kennen. Je radar voor wat wel en niet bij je past wordt sterker. Levensgebeurtenissen werken hierbij als een katalysator. Het versnelt het proces. Moeder worden, het moederschap, is zo een levensgebeurtenis dat als katalysator werkt (dit geldt trouwens ook voor het vaderschap). Niets brengt je dichter bij het leven, dan leven schenken en verantwoordelijk zijn voor leven(s). Als loopbaancoach zie ik dan ook dat veel vrouwen tijdens hun zwangerschap of kort daarna de boel willen opgooien. Ze zijn toe aan een nieuwe indeling van hun leven, het oude past niet meer. In de rubriek Moeders aan het woord lees je dit ook veel terug.

Echter ‘vasthouden’ is een bekende valkuil tijdens dit proces. Vasthouden aan wat is, omdat dit vertrouwt en veilig voelt, terwijl je ervaart dat het eigenlijk niet meer bij je past. Dit kan van alles zijn. Werk dat schuurt met privé, je relatie, een routine die je niet meer dient, gedrag waar je van baalt enzovoorts.

En soms kan je wel wat hulp of begeleiding gebruiken in je proces!
Vooral bij het hoe dan?! Hoe zorg ik ervoor dat……?

Waar mee te beginnen?
Herken je je in bovenstaand en zit je in zo een proces? Start dan als eerste met herbezinning en erkenning voor wat je ervaart en voelt. ‘Wat past er dan niet meer precies? Hoe komt dit? Hoe uit zich dit? Waar haal ik plezier uit en wat voelt als een last? Etc. Maar ook toekomstgericht: ‘wat zou ik anders willen?’ Of nog concreter: ‘wat zou ik aankomend jaar anders willen doen? Waar wil ik aankomend jaar aan werken?’

Een mooie tool hiervoor vind ik het werkboek van YearCompass. In het werkboek blik je terug op het afgelopen jaar en ga je aan de gang met het jaar dat voor je ligt. Door het invullen maak je de volgende beweging:

Reflecteren en bezinnen op afgelopen jaar en lering trekken

naar:

Visualiseren van het jaar dat voor je ligt. Welke koers wil je dat het opgaat?

Bijkomend is dat je werkt aan je grondhouding. Met grondhouding bedoel ik onder andere hoe je omgaat met levensgebeurtenissen, gevoel van dankbaarheid, gevoel van waardering, lering trekken uit wat is gebeurd, de manier waarop je keuzes maakt en de mate waarin je ervaart dat je zelf regie hebt over situaties of juist denkt dat dingen je overkomen. Het ervaren van een gelukkig leven zit hem namelijk niet alleen in het (juiste) pad dat je volgt, maar ook in je grondhouding.

Veluwse reflect and relax 2-daagse 
Om je nog verder te helpen bij het ‘wat en hoe dan?!’ stuk, organiseren we vanuit Moeders in de maatschappij een reflect and relax 2-daagse. Het is speciaal voor moeders en vindt plaats op een prachtige locatie, midden in de bossen. We willen hiermee zoveel mogelijk vrouwen en moeders helpen om hun eigen pad te vinden.  Geïnteresseerd? Klik dan hier voor meer informatie.

 

 Photo by Florencia Viadana on Unsplash

En de man dan?!

En de man dan?!

En de man dan?! Deze reactie krijg ik regelmatig als ik kort vertel over moeders in de maatschappij en mijn verhaal over waarom ik de website heb opgericht. Het is ook DE reactie die regelmatig via Social Media terugkomt bij bepaalde artikelen. Bijvoorbeeld bij dit artikel met tips over hoe je het moederschap kan combineren met een carrière. Of ik hoor een variant erop, zoiets als “Ik mis de man in dit verhaal!”

De reactie is begrijpelijk. Want ja, zorgen voor balans binnen het gezin (en met carrières) is iets waar beide partners voor kunnen zorgdragen (mits je een partner hebt). Niet alleen de moeder. Omdat de reactie zo vaak gegeven wordt, wil ik er wat dieper op in gaan.

En de man dan?
De vraag kan ik alleen persoonlijk beantwoorden. Ik kan aangeven waarom ik overgegaan ben tot het oprichten van Moeders in de maatschappij en welke afwegingen ik maak als het gaat om de content op de website.

De reden dat ik mij alleen richt op moeders is vanwege het volgende:

Omdat ik zelf moeder ben.

Ik ben de doelgroep van Moeders in de maatschappij. Ik herken mij in de reis van het moederschap, alsook het gevoel dat je naast moeder ook nog vrouw bent met ambities. De strubbelingen tussen enerzijds ambities hebben, anderzijds er voor je kind zijn.

Voordat ik moeder werd was ik mij overigens al bewust van het feit dat veel moeders moeite hebben met balanceren tussen thuis, gezin en werk. Als loopbaancoach heb ik de afgelopen jaren geregeld met vrouwen gesproken die vastgelopen waren in hun loopbaan door die eerdergenoemde strubbelingen (in dit stuk lees je er meer over).

Pas toen ik zelf moeder werd, voelde ik de intrinsieke motivatie om me hier wat meer over uit te spreken en om er iets mee te doen. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in Moeders in de maatschappij. Ik denk dat het met veel zaken zo gaat in het leven: ‘het weten’ omzetten naar acties komt tot stand als het dicht bij je komt te staan.

Mijn intrinsieke motivatie gaat eigenlijk nog iets verder. Het beantwoordt wellicht ook de vraag “en mannen dan?”. Ik neem hiervoor een duik in de geschiedenis ;-).

De reden waarom met name moeders/vrouwen worstelen met werk/privé heeft te maken met onze geschiedenis en waar we nu staan als samenleving. De geschiedenis waarbij de arbeidsmarkt voornamelijk een plek was voor mannen. Waar vrouwen in Nederland handelingsonbekwaam werden zodra ze trouwden en daardoor stopten met werken. Een wet die overigens pas in 1957 is aangepast. En alhoewel de wet was aangepast duurde het tot eind jaren 90 voordat vrouwen daadwerkelijk (meer) gingen werken en de arbeidsmarktparticipatie van vrouwen boven de 50% uitkwam.

Dit schaar ik onder: verandering heeft tijd nodig. Zeker als het gaat om overtuigingen (over wat een vrouw/moeder mag /kan, hoe een gezin georganiseerd ‘dient’ te worden, welke rol een man ‘moet’ aannemen etc.) van miljoenen mensen. En soms lijkt de berichtgeving in het nieuws anders, maar eigenlijk zitten we nog steeds in deze transformatiefase van het loslaten van oude patronen, overtuigingen én het inregelen van randvoorwaarden waardoor vrouwen en mannen beiden deel kunnen nemen aan de arbeidsmarkt zoals zij dat zelf wensen. Één van zo een randvoorwaarde is recent ter sprake gekomen in onze samenleving: het recht op meer partnerverlof.

Langer partnerverlof stelt ons in staat om als partners in dialoog te gaan over hoe we de zorg- voor het kind of kinderen, huishouden etc. – graag zien en verdelen. Kortom: het geeft ons meer keuzevrijheid, in plaats van dat dit automatisch bij de moeder ligt, omdat de partner al na 3 dagen weer aan het werk moet (weg keuzevrijheid!).

Ik heb mij als doel gesteld om een bijdrage te leveren aan deze transformatiefase, omdat die naar mijns inziens nog gaande is. Specifiek heb ik gekozen om moeders hierbij te helpen. Zoals eerder aangegeven: dit is een persoonlijke afweging.

Daarnaast kies ik er bewust voor om niet de man als zondebok weg te zetten, want dat zijn ze namelijk helemaal niet. Of om te wijzen ‘en de man dan?! Dit doe ik niet vanwege mijn overtuiging dat verandering ALTIJD bij jezelf begint. Begin bij wat jij anders wenst, welk gedrag daarvoor nodig is en hoe jouw ideale leven eruitziet. De rest volgt vanzelf.

En de man dan?
Nou, de man is inmiddels niet altijd een man meer. Vandaar dat ik vaak het woord partner gebruik. Emancipatie is voor mij niet persé dat vrouwen meer moeten werken (het mag, hoeft niet). Emancipatie houdt voor mij in: het hebben en organiseren van meer keuzevrijheid (ongeacht gezinssamenstelling!). Keuzevrijheid om dat te doen wat voor jou en je gezin goed voelt. Dit kan allerlei vormen aannemen, zoals beiden fulltime of parttime werken, een partner die (tijdelijk) betaald werk ter zijde schuift om de zorg van de kinderen op zich te nemen etc.

En soms ga ik voor deze missie op de barricade staan. Bijvoorbeeld voor bepaalde rechten, zoals meer partnerverlof en gelijke lonen. Initiatieven zoals stem op een vrouw moedig ik ook aan. Ik denk namelijk dat het bijdraagt aan een positieve transformatiefase en aan meer keuzevrijheid. 

Ik hoop dat ik de vraag  En de man dan?! heb kunnen beantwoorden. Daarnaast ben ik benieuwd naar jullie visie hierover. Laat vooral een reactie achter, hier, op Instagram of Facebook. 

Photo by Elisey Vavulin on Unsplash

Hoe jouw gedachtes invloed hebben op je (loopbaan)keuzes.

Hoe jouw gedachtes invloed hebben op je (loopbaan)keuzes.

Als loopbaancoach spreek ik voornamelijk mensen die iets anders willen. En zoals mijn functie al doet vermoeden: logischerwijs iets anders qua werk ;-). Ik heb al eens een kort artikel geschreven met tips over hoe je ervoor zorgt dat je gaat doen wat je echt leuk vindt. Deze lees je hierIn dit artikel wil ik wat dieper ingaan op de grootste blokkade die er is als het gaat om ‘iets anders willen’, namelijk dat wat zich in je hoofd afspeelt: gedachtes die angsten en onzekerheid veroorzaken.

Laten we eerst even teruggaan naar het begin van een loopbaanverandering. Uiteenlopende redenen kunnen ten grondslag liggen aan het gevoel dat je iets anders wilt gaan doen in je loopbaan (of misschien wel leven). Zo kan het zijn dat je door een innerlijke groei het gevoel hebt dat je niet meer op de juiste plek zit. Sommigen komen zelfs tot de conclusie dat het werk dat ze al jaren doen nooit datgene is geweest waar hun hart sneller van gaat kloppen. Ze zijn erin gerold en blijven hangen. Anderen zijn weer toe aan een nieuwe leercurve en merken dat de rek eruit is bij hun huidige werkgever.

De reden waarom je iets anders wilt is interessant en het is fijn om stil te staan bij het pad dat je tot nu toe hebt bewandeld. Het vormt een terugblik waaruit je waardevolle leermomenten kan halen. Hierin is geen goed of fout en het hebben van spijt heeft geen zin. Onthoud namelijk dat alles wat je tot nu toe hebt meegemaakt nodig is geweest om te staan waar je nu staat

Je huidige zijn (het nu!) en de behoefte aan ‘iets anders willen’ vraagt van je om niet te lang in het verleden te blijven hangen, maar om de opgedane ervaringen en de daaruit gefilterde leermomenten om te zetten in actie, in verandering, in beweging.

Op basis van mijn ervaringen van de afgelopen 14 jaar als loopbaancoach kan ik zeggen dat dit een cruciale fase is. Een kantelpunt wil ik het ook wel noemen. Een kantelpunt, waarbij een grote groep mensen er toch voor kiezen om de groei- waar ze nu voorstaan- niet aan te gaan, om in het verleden te blijven. Om het vertrouwde te behouden en om datgeen te doen wat ze altijd deden. In de praktijk uit zich dit in het volgende situaties: 

  • Blijven in je huidige functie en bij je huidige werkgever.
  • Hetzelfde gaan doen, maar dan in een andere omgeving. Dit geeft kort een gevoel van vernieuwing, maar als snel komen ‘oude’ gedachtes en gevoelens weer om de hoek kijken.
  • Bovenstaand + daarbij neerslachtig worden. Het gevoel dat je vast zit overheerst en krijgt een negatieve uitwerking op je leven.

Indien men werkelijk gaat voor de groei en de verandering, dan wordt er een opwaartse spiraal gecreëerd. Deze bestaat uit “aha momenten” en het gevoel van innerlijke groei en eigen regie over het leven (in plaats geleefd worden). Het kenmerkt zich door doen (beweging).

Hoe creëer je die opwaartse spiraal voor jezelf?

Het antwoord is eigenlijk simpel: keuzes maken vanuit liefde en niet vanuit angst. 

Ik zal dit wat meer uitleggen.
Veruit de meest gegeven redenen die ik de afgelopen 14 jaar heb gehoord van mensen die iets anders willen maar nog niet in actie zijn gekomen, zijn allemaal varianten op het volgende:

1. Zekerheid.
Je baan met bijhorende inkomen zorgt voor zekerheid. Je weet wat je moet doen op het werk, wat er van je verwacht wordt en hoeveel geld er maandelijks binnenkomt.

2. Zorgdragen.
Voor anderen, de hypotheek, vaste lasten etc. Je verdient nu goed en bent bang dat je dit elders niet gaat verdienen. Je hebt een bepaald inkomen nodig om hypotheek te betalen, of je kinderen gaan studeren en dit kost veel geld, daarom kan je nu niet…..

3. Loyaliteit al dan niet in combinatie met gevoel van onmisbaarheid. 
Loyaliteit naar een werkgever, leidinggevende en/of collega’s. “ Ja maar, ik heb zulke fijne collega’s. Ik kan u niet weg gaan, want dan hebben ze echt een probleem.”

Allemaal betreft het gedachtes die angsten veroorzaken. Angst dat je met te weinig of zelfs zonder geld komt te zitten, dat je je hypotheek niet meer kan betalen, dat je niet voldoende kennis hebt om aan de verwachtingen van een nieuwe werkgever te voldoen, dat je onmisbaar bent en dat je hierdoor niet gezien wordt als belangrijk.

Keuzes op basis van deze angsten (en dus niet liefde) pakken zelden goed uit. Je bewandelt niet je pad, maar je bent voornamelijk bezig met het vermijden van mogelijke (in jouw ogen negatieve) situaties en/of het in stand houden van een situatie waar je diep van binnen eigenlijk niet tevreden over bent. 

Keuzes gebaseerd op liefde, zijn automatisch keuzes die in lijn liggen met wie je bent. Keuzes gebaseerd op liefde gaan over wat je echt leuk vindt. Waar vrolijkheid, dankbaarheid en energie uit voortvloeien. Het zijn eigenlijk simpele vragen die jezelf kan stellen: vind ik het leuk, beleef ik er plezier aan? Of als je zoekende bent naar wat je zou willen doen qua werk: waar beleef ik plezier aan? Wat vind ik echt leuk? Wat wil ik de aankomende periode graag (nog) leren? Waar wil ik aan bijdragen?

De vragen zijn zo simpel, dat men er vaak lacherig over doet. ‘Ja, maar zo simpel ligt het niet. Ik heb toch ook een hypotheek te betalen?’ Ja, echt: de vragen zijn zo simpel. En het antwoord erop geven misschien ook nog wel (of schakel een coach in). Het daadwerkelijk in de praktijk brengen van wat je echt leuk vindt kan (maar hoeft niet) misschien een meerjarenplan zijn. Eentje waarvoor je veel moeite moet doen. Lees maar eens het verhaal van Janneke op Moeders in de maatschappij.  Hierin zit een naar mijn idee belangrijke (levens)les: voor de mooie dingen in het leven, moet je moeite doen.

Ook als je kiest vanuit liefde, zijn angsten (die voorvloeien uit negatieve gedachtes) alsnog aan de orde van de dag.  Het grote verschil met de hierboven geschetste situatie is dat je ervoor kiest om er niet naar te handelen. Je laat ze als het ware passeren door je gedachte. De beginfase van elke verandering – op wat voor gebied dan ook- kenmerkt zich door onzekerheid, gedachtes dat je het niet kan en angsten dat het mis gaat. Haal dan diep adem, neem ze waar en laat ze passeren. Ga terug naar de kern: wat vind ik leuk en wat kan ik nu doen om het te bereiken?

 

( Foto van Raul Varzar on Unsplash)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als loopbaancoach spreek ik voornamelijk mensen die iets anders willen. En zoals mijn functie al doet vermoeden: logischerwijs iets anders qua werk ;-). Ik heb al eens een kort artikel geschreven met tips over hoe je ervoor zorgt dat je gaat doen wat je echt leuk vindt. Deze lees je hier.In dit artikel wil ik wat dieper ingaan op de grootste blokkade die er is als het gaat om ‘iets anders willen’, namelijk dat wat zich in je hoofd afspeelt: gedachtes die angsten en onzekerheid veroorzaken.

Laten we eerst even teruggaan naar het begin van een loopbaanverandering. Uiteenlopende redenen kunnen ten grondslag liggen aan het gevoel dat je iets anders wilt gaan doen in je loopbaan (of misschien wel leven). Zo kan het zijn dat je door een innerlijke groei het gevoel hebt dat je niet meer op de juiste plek zit. Sommigen komen zelfs tot de conclusie dat het werk dat ze al jaren doen nooit datgene is geweest waar hun hart sneller van gaat kloppen. Ze zijn erin gerold en blijven hangen. Anderen zijn weer toe aan een nieuwe leercurve en merken dat de rek eruit is bij hun huidige werkgever.

De reden waarom je iets anders wilt is interessant en het is fijn om stil te staan bij het pad dat je tot nu toe hebt bewandeld. Een vormt een terugblik waaruit je waardevolle leermomenten kan halen. Hierin is geen goed of fout en het hebben van spijt heeft geen zin. Onthoud namelijk dat alles wat je tot nu toe hebt meegemaakt nodig is geweest om te staan waar je nu staat

Je huidige zijn (het nu!) en de behoefte aan ‘iets anders willen’ vragen van je om niet te lang in het verleden te blijven hangen, maar om de opgedane ervaringen en de daaruit gefilterde leermomenten om te zetten in actie, in verandering, in beweging.

Op basis van mijn ervaringen van de afgelopen 14 jaar als loopbaancoach kan ik zeggen dat dit een lastige fase is. Een kantelpunt wil ik het ook wel noemen. Een kantelpunt, waarbij een grote groep mensen er toch voor kiezen om de groei- waar ze nu voorstaan- niet aan te gaan, om in het verleden te blijven hangen. Om het vertrouwde te behouden en om datgeen te doen wat ze altijd deden. In de praktijk uit zich dit in het volgende situaties: 

  • Blijven in je huidige functie en bij je huidige werkgever.
  • Hetzelfde gaan doen, maar dan in een andere omgeving. Een soort schijnverandering. Dit geeft kort een gevoel van vernieuwing, maar als snel komen ‘oude’ gedachtes en gevoelens weer om de hoek kijken.
  • Bovenstaand + daarbij neerslachtig worden. Het gevoel dat je vast zit overheerst en krijgt een negatieve uitwerking op je leven.

Indien men werkelijk gaat voor de groei en de verandering, dan wordt er een opwaartse spiraal gecreëerd. Deze bestaat uit “aha momenten” en het gevoel van innerlijke groei en eigen regie over het leven (in plaats geleefd worden).

Hoe creëer je die opwaartse spiraal voor jezelf?

Het antwoord is eigenlijk heel simpel: keuzes maken vanuit liefde en niet vanuit angst. 

Ik zal dit wat meer uitleggen.
Veruit de meest gegeven redenen die ik de afgelopen 14 jaar heb gehoord van mensen die iets anders willen maar nog niet in actie zijn gekomen, zijn allemaal varianten op het volgende:

1. Zekerheid.
Je baan met bijhorende inkomen zorgt voor zekerheid. Je weet wat je moet doen op het werk, wat er van je verwacht wordt en hoeveel geld er maandelijks binnenkomt.

2. Zorgdragen.
Voor anderen, de hypotheek, vaste lasten etc. Je verdient nu goed en bent bang dat je dit elders niet gaat verdienen. Je hebt een bepaald inkomen nodig om hypotheek te betalen, of je kinderen gaan studeren en dit kost veel geld, daarom kan je nu niet…..

3. Loyaliteit al dan niet in combinatie met gevoel van onmisbaarheid. 
Loyaliteit naar een werkgever, leidinggevende en/of collega’s. “Ik kon toen niet weggaan want ze hadden me nodig. Ja maar, ik heb zulke fijne collega’s. Ik kan u niet weg gaan, want dan hebben ze echt een probleem.”

Allemaal betreft het gedachtes die angsten veroorzaken. Angst dat je met te weinig of zelfs zonder geld komt te zitten, dat je je hypotheek niet meer kan betalen, dat je niet voldoende kennis hebt om aan de verwachtingen van een nieuwe werkgever te voldoen, dat je onmisbaar bent en dat je hierdoor niet gezien wordt als belangrijk.

Keuzes op basis van deze angsten (en dus niet liefde) pakken zelden goed uit. Je bewandelt niet je pad, maar je bent voornamelijk bezig met het vermijden van mogelijke (voor jou negatieve) situaties en/of het in stand houden van een situatie waar je diep van binnen eigenlijk niet tevreden over bent. 

Keuzes gebaseerd op liefde, zijn automatisch keuzes die in lijn liggen met wie je bent. Keuzes gebaseerd op liefde gaan over wat je echt leuk vindt. Waar vrolijkheid, dankbaarheid en energie uit voortvloeien. Het zijn eigenlijk simpele vragen die jezelf kan stellen: vind ik het leuk, beleef ik er plezier aan? Of als je zoekende bent naar wat je zou willen doen qua werk: waar beleef ik plezier aan? Wat vind ik echt leuk? Wat wil ik de aankomende periode graag leren?

De vraag is zo simpel, dat men er vaak lacherig over doet. ‘Ja, maar zo simpel ligt het niet. Ik heb toch ook een hypotheek te betalen?’ Let wel: de vraag is echt zo simpel. En het antwoord erop geven ook. Het daadwerkelijk in de praktijk brengen van wat je echt leuk vindt kan (maar hoeft niet) misschien een meerjarenplan zijn. Eentje waarvoor je veel moeite moet doen. Lees maar eens het verhaal van Janneke op Moeders in de maatschappij.  Hierin zit een naar mijn idee belangrijke (levens)les: voor de mooie dingen in het leven, moet je moeite doen.

Ook als je kiest vanuit liefde, zijn het hebben van angsten (die voorvloeien uit negatieve gedachtes) aan de orde van de dag. Dit hoort nou eenmaal bij het proces van verandering.  Het grote verschil met de hierboven geschetste situatie is dat je ervoor kiest om er niet naar te handelen. Je laat ze als het ware passeren door je gedachte.
De beginfase van elke verandering – op wat voor gebied dan ook- kenmerkt zich door onzekerheid, gedachtes dat je het niet kan en angsten dat het mis gaat. Haal dan diep adem, neem ze waar, maar laat ze passeren. Ga terug naar de kern: wat vind ik leuk en wat kan ik nu doen om het te bereiken?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Waarom een scheidingslijn tussen werk en privé niet werkt

Waarom een scheidingslijn tussen werk en privé niet werkt

Waarom een scheidingslijn tussen werk en privé niet werkt.

 

Velen zullen nu zeggen dat dit komt door de technologie van vandaag. De technologie die ervoor zorgt dat we altijd bereikbaar zijn, altijd bij ons werkmail kunnen en waardoor thuiswerken mogelijk is. De scheidingslijn is moeilijker vol te houden, want je kan 24/7 werken. Onafhankelijk van waar je bent: thuis of op kantoor. Dit vraagt meer van ons dan voorheen. We moeten in ons dagelijks leven constant een afweging maken wanneer we iets wel of niet doen. Het vraagt van je dat je je grenzen bewaakt in plaats van dat dit voor je wordt gedaan door praktische zaken, zoals het sluiten van het kantoor om 17:00 uur.

En natuurlijk …..bovenstaand is een oorzaak waardoor het volhouden van een scheidingslijn tussen werk en privé moeilijker is. Maar laten we een laag dieper gaan en de volgende vraag stellen:

WAAROM wil je een scheidingslijn tussen werk en privé?


Het creëren van deze scheidingslijn komt voort uit de gedachte dat je werk niet leuk is (of minder leuk) en je er thuis daarom afstand van wilt nemen. Of puur alleen om inkomen te genereren…om in de privésfeer leuke dingen mee te kunnen doen.


De vraag ‘leef je om te werken, of werk je om te leven?’ wordt vaak gesteld. En het is eigenlijk geen vraag, het voelt meer als een test, want stiekem wordt het laatste als antwoord verwacht: ‘ik werk om te leven!’ En bij het geven van dit antwoord kloppen we onszelf op de borst.


Maar juist door het te benaderen als een verschil – leven óf werk- creëren we automatisch een setting waarbij werk dus niet verenigbaar is met wie we zijn en wat we graag doen (ons leven). En wordt werk een opzichzelfstaand ‘iets’ en een noodzakelijk kwaad waar we continue afstand van willen nemen. Waar we een scheidingslijn voor creëren.


Het creëren van deze lijn zorgt voor frictie. Zeker bij de jongere generatie. Zij willen juist werk doen dat een verlengstuk is van wie ze zijn. En waarom? Vanwege de welvaartsontwikkeling in Nederland: de jongere generatie hoeft geen keuzes te maken op basis van overleven of armoede. Dit in tegenstelling tot mensen die voor en net na de oorlog zijn geboren (en de generatie erna). Die de noodzaak hebben gevoeld om elk werk te accepteren, zodat er brood op de plank kwam. Waarbij gezinnen nog groot waren en je gewoon je steentje moest bijdragen als oudste zus of broer, punt!


Tegenwoordig is de keuzevrijheid groter doordat basisbehoeftes zoals veiligheid en zekerheid ten aanzien van voedsel en onderdak vrijwel zeker aanwezig zijn. Ook het volgen van onderwijs is toegankelijker geworden.


Kortom: de jongere generatie is opgegroeid met meer maar ook met een ander soort welvaart. Individuele gevallen van armoede zijn er overigens helaas wel, maar het merendeel kent geen schaarste. Juist door deze welvaartshift kan je je keuzes ‘veroorloven’ die op het vlak van persoonlijke ontwikkeling liggen: ‘wat wil ik nu echt? Wat vind ik leuk om te doen? Waar wil ik aan bijdragen?’


Maar laten we eerlijk zijn…dit zijn lastige vragen om te beantwoorden! Al helemaal om het door te vertalen naar werk. Ook voor jongeren. Dit komt omdat we het nog niet gewend zijn om zo invulling te geven aan werk én ons schoolsysteem voorziet je er ook niet in. Die voorziet voornamelijk in basiskennis en minder in persoonlijke ontwikkeling.


Maar hoe krijg je het dan wel voor elkaar? 

Allereerst door te stoppen met het zien van werk als iets dat los staat van je privé(leven). Het helpt om bij jezelf na te gaan welke waarden en overtuigingen jij hebt ten aanzien van werk. Bekijk je het vanuit moeten of willen?


Werk mag en kan een verlengstuk worden van wie je bent. Een uiting of manifestatie van wat jij belangrijk vindt en waar jij aan wilt bijdragen. Het beantwoorden van vragen zoals ‘wat vind ik belangrijk?’ en ‘waar wil ik aan bijdragen?’ vergt een investering in je persoonlijke ontwikkeling. Ook hier kan je je op bezinnen door na te gaan welke investering (in tijd, geld en energie) jij hebt gedaan op het gebied van persoonlijke ontwikkeling? Of staat het stil en blijf je maar doen wat je altijd deed?

Photo by Anika Huizinga on Unsplash